“Mogelijke schade aan Martinikerk door bouw Forumgarage”

Door 13 februari 2012Nieuws

Foto: openmonumentendag.nl

De Stadspartij stelt vragen aan het college over mogelijke schade die kan ontstaan aan de Martinikerk door de toekomstige bouwwerkzaamheden van de Forumgarage. Dat dit een gevoelig onderwerp is beseffen we ons maar de mogelijke kritiek ‘dat we er van alles bijslepen’ werpen we verre van ons. We hebben onze redenen.

Het mag bekend zijn dat juist bij de bouw van ondergrondse parkeergarages zaken anders lopen dan gepland. Kijk naar de Damsterdiepgarage waar kostenoverschrijdingen en schade aan de omgeving aan de orde van de dag zijn. De Forumgarage wordt met een diepte van 17 meter één van de diepste bouwputten van Nederland met alle risico’s vandien. De ontwerper van de garage, ABT, stelt dat ‘Technisch gezien alles kan maar het gaat erom tegen welke kosten’. Juist daar dreigt een probleem te ontstaan: het Forumproject staat onder financiële druk door de kostbare vertraging, de onwil van de provincie daaraan bij te dragen en het feit dat overschrijdingen niet zijn toegestaan omdat anders de politieke steun voor het project zal wegvallen. Links of rechtsom moet er bezuinigd worden op het project.

Dat men rekening houdt met beschadigingen aan de Martinikerk blijkt uit de bouwaanvraag voor het Forum. De Martinikerk wordt zowel van binnen als buiten zorgvuldig opgenomen hoewel dat volgens de geldende regels niet zou hoeven te gebeuren. Dat het hier niet gaat om een standaardprocedure mag blijken uit het feit dat het monumentale provinciehuis, dat op vergelijkbare afstand van de toekomstige bouwput ligt, kennelijk buiten schot blijft..

Verder is het opvallend dat de gemeente zichzelf een vrijstelling heeft gegeven om bij de bouwaanvraag een doorgaans wettelijk verplicht bouwveiligheids- en bemalingsplan mee te sturen. Hierin worden allerlei zaken geregeld die voor de omgeving zoals belendende percelen, winkels, omwonenden enzovoort van groot belang kunnen zijn.

Genoeg redenen om onze zorgen te uiten want dit college heeft al vaker laten zien dat ‘de wens de vader van de gedachte is’. (Meerstad, Europapark, O2G2, Da Finci, Groninger Museum, Damsterdiepgarage, Enexis aandelen) Wensdenken vormt een slechte basis voor projecten van deze omvang omdat men dan geneigd is de risico’s te bagataliseren om de wens, lees het project, maar niet in gevaar te laten komen. Sinterklaas komt maar één keer per jaar langs en vervult dan ook nog niet eens alle wensen!

Jacob Bolhuis

 

VRAGEN

door de leden van de raad gesteld overeenkomstig artikel 38 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Groningen.

 

 

In december 2011 is de bouwaanvraag voor het Groninger Forum ingediend. Onderdeel van dit bouwplan is de door ABT ontworpen parkeergarage van 17 meter diep die daarmee, volgens ABT, één van de diepste parkeergarages van Nederland wordt.

Op hun website zegt ABT dit over het project:

 

Met een ontgravingsdiepte van 17 meter wordt de put een van de diepste van Nederland. De parkeergarage in Groningse binnenstad kan tot vlak bij bestaande bebouwing worden aangelegd. De ruimte wordt zo maximaal benut terwijl de risico’s niet groter zijn dan normaal. Traditionele rekenmethoden alleen zijn bij dit soort bouwputten onvoldoende, althans als een put behalve veilig ook kosteneffectief moet zijn. Technisch gezien kan in principe ‘alles’, maar het gaat erom tegen welke kosten.

 

In de bij de bouwaanvraag gevoegde stukken lezen we van de hand van ABT het volgende:

 

Van alle panden binnen 25 m van de diepe bouwput en 15 m van de fietsenkelder dient het interieur en het exterieur (vanaf maaiveld) te worden opgenomen. Van alle panden binnen 50 m van de diepe bouwput en 25 m van de fietsenkelder dient het exterieur vanaf de openbare weg te worden opgenomen. Gezien de grote waarde die wordt gehecht aan de Martinikerk, dient hiervan het interieur én het exterieur vanaf maaiveld / begane grondniveau te worden opgenomen.

 

De opnamen dienen te worden uitgevoerd voordat de eerste bouwwerkzaamheden worden uitgevoerd. De rapportages van de opnamen dienen door de opdrachtgever bij een notaris te worden geponeerd.

 

Dat het met de bouw van ondergrondse parkeergarages anders loopt dan gepland is eerder regel dan uitzondering. Ook in onze stad kennen we voorbeelden; de Westerhavengarage en nog steeds actueel de Damsterdiepgarage. Tel daarbij op dat het Forumproject onder financiële druk staat, we noemen daarbij de vertagingskosten en het feit dat het beschikbare budget bevroren is omdat bij overschrijding de politieke steun voor het project zal wegvallen.

‘Technisch gezien kan in principe alles, maar het gaat erom tegen welke kosten’, zo stelt ABT. Daar wringt bij ons de schoen. Welke risico’s worden genomen met de bouw van de diepe put? Daarover hebben wij de volgende vragen:

 

  1. Kunnen we uit het simpele feit dat van de Martinikerk zowel interieur als exterieur worden opgenomen afleiden dat er een reëel gevaar bestaat dat er beschadigingen zullen optreden aan de Martinikerk vanwege de bouwwerkzaamheden? Zo ja, hoe hoog schat u dat risico in en waarop is dat gebaseerd? Zo nee, waarom niet?

 

  1. Wordt er bij de bouw van de Forumgarage op enigerlei wijze bezuinigd om de bovengenoemde vertagingskosten binnen het beschikbare budhet terug te verdienen? Zo ja, op welke wijze?

 

Wij vinden het opmerkelijk dat er bij een ander pand met monumentale waarde in de omgeving niet op dezelfde wijze gehandeld wordt. Althans, dat kunnen wij niet uit de stukken opmaken. Het gaat om het provinciehuis dat op vergelijkbare afstand van de bouwput ligt als de Martinikerk. Wij concluderen hieruit dat de ‘opname’ van de Martinikerk daarom niet te betitelen valt als ‘business as usual’ omdat in dat geval het provinciehuis ook wel meegenomen zou worden.

 

  1. Klopt het dat van het provinciehuis alleen het exterieur wordt opgenomen? Zo ja, kunt u aangeven waarom hier anders gehandeld wordt dan bij de Martinikerk?

 

Een derde punt betreft het ontbreken van een bouwveiligheids- en bemalingsplan bij de aanvraag. Nu is het wettelijk gezien zo dat het bevoegd gezag, dat bent u, de aanvrager, dat bent u ook, uitstel voor indiening van een bouwveiligheids- en bemalingsplan kan verlenen indien de aard van het bouwplan daar aanleiding toe geeft. (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en Besluit omgevingsrecht art. 2.7.)

 

  1. Bent u het met ons eens dat juist bij een dergelijk ingrijpend project, met alle gevolgen voor de directe omgeving zoals winkels, horeca, bewoners en andere belanghebbenden, een bouwveiligheids- en bemalingsplan een voorwaarde zou moeten zijn? Zo nee, waarom niet?

 

Jacob Bolhuis

Stadspartij

 

 

 

Ter info bij vraag 4, wettelijk gezien moet een bouwveiligheidsplan het volgende bevatten:

 

Artikel 2.4. Overige voorschriften bouwverordening

In of bij de aanvraag om een vergunning voor een bouwactiviteit verstrekt de aanvrager de volgende gegevens en bescheiden ten behoeve van toetsing aan de overige voorschriften van de bouwverordening:

    • a. bouwveiligheidsplan en toegankelijkheid van de bouwplaats met de volgende onderdelen:
      • 1°. één of meerdere tekeningen waaruit de bouwplaatsinrichting blijkt:
        • de ligging van het te bebouwen perceel en de omliggende wegen, bouwwerken e.d.;
        • de situering van het bouwwerk;
        • de aan- en afvoerwegen;
        • de laad-, los- en hijszones;
        • de plaats van de bouwketen;
        • de grenzen van het bouwterrein waarbinnen alle bouwactiviteiten, inclusief het laden en lossen, plaatsvinden;
        • de in of op de bodem van het perceel aanwezige leidingen;
        • de plaats van ander hulpmaterieel en opslag van materialen;
      • 2°. gegevens en bescheiden over de toe te passen bouwmethodiek en de toe te passen materialen, materieel, hulp- en beveiligingsmiddelen bij de bouwwerkzaamheden;
      • 3°. indien een bouwput moet worden gemaakt voor een ondergronds gelegen bouwdeel:
        • de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding en de bouwputbodem;
        • de uitgangspunten voor een bemalingsplan;
      • 4°. de uitgangspunten voor een monitoringsplan ter voorkoming van schade aan naburige bouwwerken;
    • b. gegevens betreffende de aard en plaats van brandveiligheidinstallaties alsmede van de vluchtrouteaanduiding;
    • c. een tekening van de inrichting van het bij het bouwwerk behorende terrein met daarop aangegeven de voorzieningen voor de bereikbaarheid en de plaats van bluswatervoorzieningen en opstelplaatsen van brandweervoertuigen;
    • d. een onderzoeksrapport betreffende verontreiniging van de bodem, gebaseerd op onderzoek dat is uitgevoerd door een persoon of een instelling die daartoe is erkend op grond van het Besluit bodemkwaliteit.