Vragen stopzetten subsidie Dierenopvang

Door 2 oktober 2013Nieuws

dierelogotranskleinDe Partij voor de Dieren, PvdA en Stadspartij hebben tezamen schriftelijke vragen gesteld aan het college van B&W over het mogelijk stopzetten van de gemeentelijk subsidie aan Stichting Dierenopvang Groningen per 2015. Bijna 25 jaar geleden heeft de gemeente Groningen het initiatief genomen de Stichting Dierenopvang Groningen op de huidige locatie aan de Adorperweg te huisvesten.

De Stichting Dierenopvang Groningen is een vrijwilligersorganisatie, die financieel gesteund wordt door de gemeenten Groningen, Haren, Zuidhorn, Tynaarlo en door bijna 1100 donateurs. Bij de Dierenopvang kunnen alle dieren in nood uit de wijde omgeving terecht, van konijn tot krokodil.

Alleen honden en katten zijn uitgesloten van opvang. Zij kunnen terecht in de dierenasiels in Zuidwolde of Winschoten.

Jaarlijks vangt de Dierenopvang tussen de 3000-4000 dieren op. De beesten worden aangeboden door zowel particulieren als door de Dierenambulance. In totaal is 20% afkomstig uit huishoudens en komt 80% uit de natuur. Van de huisdieren wordt bijna 60% herplaatst en overlijdt 10%. Voor de wilde dieren geldt dat 80% weer wordt uitgezet en dat 6% overlijdt.

Moes: “Uit deze cijfers blijkt dat de Dierenopvang voorziet in een grote behoefte. De organisatie beschikt over alle benodigde ontheffingen en vraagt slechts €5 voor het opvangen van afstandsdieren zoals konijnen of fretten. De reden om een lage afstandsbijdrage te vragen is dat het risico aanwezig is dat mensen de dieren anders in de natuur (bijvoorbeeld bij het Lauwersmeer) loslaten of eigenhandig “euthanaseren”. Met het laagdrempelige afstandsbeleid wordt dus het risico op veel direct en indirect leed, schade, overlast en verstoring van de biodiversiteit verkleind.

De Dierenopvang is tevens actief bij het opvangen van menselijk leed als huisuitzettingen en overlijdens in de provincie. Hiermee wordt voorkomen dat dieren gaan zwerven.

Bolhuis: “De Dierenopvang is de enige organisatie in zijn soort in onze regio. De meest dichtstbijzijnde alternatieve opvangplek voor deze dieren is in Ureterp, ver buiten onze regio. Het is van belang dat deze organisatie haar werk kan blijven doen”.

Tijdens het Voorjaarsdebat heeft het college naar aanleiding van vragen de Partij voor de Dieren toegezegd terug te komen op de vraag of er een wettelijke verplichting ligt ten aanzien van de opvang van gehouden dieren.

Kelder:” Het college heeft onlangs bevestigd dat de gemeente de taak heeft om de opvang en transport van gevonden dieren en zwerfdieren te regelen en de plicht heeft om gevonden dieren maximaal 2 weken in bewaring te nemen. Dierenopvangcentrum Groningen is een van de drie organisaties aan wie de gemeente dit uitbesteedt. Zolang de gemeente een redelijke vergoeding beschikbaar stelt voor de opvang van dieren voldoet zij aan onze wettelijke taak. Wij willen middels deze vragen o.a. het college laten inzien dat het heel belangrijk is dat deze organisatie haar werk kan blijven doen en dat het grote gevolgen kan hebben voor de gemeente zelf en ook voor alle dieren die nergens meert heen kunnen indien de subsidie definitief wordt gestopt.”

De organisatie ontving €11.180,40 in 2013. Met het verdwijnen van de subsidie ligt het risico op de loer dat de Stichting Dierenopvang Groningen zal moeten besluiten te stoppen of bepaalde diensten niet meer, of tegen een hogere vergoeding te verlenen.

 

 

Aan het college van Burgemeester en Wethouders
Grote Markt 1
9712 HN  Groningen

Datum: 19 september 2013

Betreft: schriftelijke aanvullende vragen door de leden van de raad gesteld overeenkomstig artikel 42 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Groningen betreffende het voornemen de subsidie aan de Stichting Dierenopvang Groningen per 2015 stop te zetten.

Geacht college,

Bijna 25 jaar geleden heeft de gemeente Groningen het initiatief genomen de Stichting Dierenopvang Groningen, die tot dan toe in de Indische buurt zat, op de huidige locatie aan de Adorperweg te huisvesten.  De Stichting Dierenopvang Groningen is een vrijwilligersorganisatie met een ANBI status, die financieel gesteund wordt door de gemeenten Groningen, Haren, Zuidhorn, Tynaarlo en door bijna 1100 donateurs. Bij de Dierenopvang kunnen alle dieren in nood uit de wijde omgeving  terecht, van konijn tot krokodil. Alleen honden en katten zijn uitgesloten van opvang. Zij kunnen terecht in de dierenasiels in Zuidwolde of Winschoten.

Jaarlijks vangt de Dierenopvang tussen de 3000-4000 dieren op. De beesten worden aangeboden door zowel particulieren als door de Dierenambulance. In totaal is 20% afkomstig uit huishoudens en komt 80% uit de natuur. Van de huisdieren (waterschildpadden, konijnen, cavia’s, kippen, reptielen) wordt bijna 60% herplaatst en overlijdt 10%. Voor de wilde dieren (duiven, merels, eenden, zwanen, uilen) geldt dat 80% weer wordt uitgezet en dat 6% overlijdt.

Uit deze cijfers blijkt dat de Dierenopvang voorziet in een grote behoefte. De organisatie beschikt over alle benodigde ontheffingen en vraagt slechts €5 voor het opvangen van afstandsdieren zoals konijnen of fretten. De reden om een lage afstandsbijdrage te vragen is dat het risico aanwezig is dat mensen de dieren anders in de natuur (bijvoorbeeld bij het Lauwersmeer) loslaten of eigenhandig “euthanaseren”. Met het laagdrempelige afstandsbeleid wordt dus het risico op veel direct en indirect leed, schade, overlast en verstoring van de biodiversiteit verkleind. De Dierenopvang is tevens actief bij het opvangen van menselijk leed als huisuitzettingen en overlijdens in de provincie. Hiermee wordt voorkomen dat dieren gaan zwerven. De Dierenopvang is de enige organisatie in zijn soort in onze regio. De meest dichtstbijzijnde  alternatieve opvangplek voor deze dieren is in Ureterp, ver buiten onze regio.

Tijdens het Voorjaarsdebat heeft het college naar aanleiding van vragen de Partij voor de Dieren toegezegd terug te komen op de vraag of er een wettelijke verplichting ligt ten aanzien van de opvang van gehouden dieren. Op 10 juli 2013 (BD13.3788308) heeft het college deze vraag als volgt beantwoord: “Als gemeente hebben wij de taak om de opvang en transport van gevonden dieren en zwerfdieren te regelen en de plicht om gevonden dieren maximaal 2 weken in bewaring te nemen. Wij besteden onze wettelijke taak voor de opvang van dieren uit aan 3 instellingen namelijk: De Dierenbescherming afdeling Groningen, De Dierenambulance Groningen en het Dierenopvangcentrum Groningen. In 2013 is ruim 170.000 euro beschikbaar gesteld voor de opvang van dieren. Zolang wij een redelijke vergoeding beschikbaar stellen voor de opvang van dieren voldoen wij aan onze wettelijke taak.”

Om twee redenen vinden wij de laatste zin uit de beantwoording door het college opmerkelijk: het komt ons voor als een hele technocratische en weinig compassievolle benadering. Bovendien wordt hier het middel (redelijk vergoeding) boven het doel (wettelijke taak) gesteld.

Vraag 1

  1. Is het college het met ons eens dat niet het beschikbaar stellen van een redelijke vergoeding bepalend is voor de beoordeling of voldaan wordt aan de wettelijke taak, maar de mate waarin het lukt de taak te vervullen om de opvang en transport van gevonden dieren en zwerfdieren te regelen en de plicht om gevonden dieren adequaat op te vangen? Zo nee, waarom niet? Hoe beoordeelt het college dit tot de morele zorgplicht die mensen voor kwetsbare dieren hebben?

  1. Welke feiten en cijfers zijn beschikbaar waaruit blijkt in welke mate de gemeente Groningen voldoet aan de wettelijke taak voor de opvang van dieren?

Uit gesprekken met medewerkers van de Dierenopvang hebben wij begrepen dat de organisatie jaarlijks tot voor kort een bijdrage van ongeveer €7500 ontving van de gemeente, aangevuld met een kostenvergoeding van ongeveer €4000 per jaar. Recentelijk is het bedrag om technische redenen -namelijk het beperken van de administratieve last-, op initiatief van de gemeente samengevoegd tot een bedrag van €11.180,40 in 2013.

Vraag 2

  1. Klopt dit beeld?

Met het samenvoegen van de subsidie en de kostenvergoeding in het verleden, valt de totale vergoeding aan de Dierenopvang net boven de grens van €10.000 euro. Hoewel wij hier geenszins kwade opzet in vermoeden valt de Dierenopvang hiermee buiten de regeling dat organisaties die minder dan €10.000 subsidie ontvangen buiten schot blijven. Voor organisaties die meer dan €10.000 subsidie ontvangen geldt een generieke korting van 10%.  Op 14 augustus jl. heeft de Stichting Dierenopvang Groningen bericht gekregen van de gemeente Groningen dat het voornemen bestaat dat de Stichting vanaf 2015 volledig gekort wordt op hun subsidie.

Vraag 3

  1. Waarom is het college van plan de Stichting Dierenopvang Groningen met ingang van 1 januari 2015 volledig te korten?

  1. Hoe verhoudt dit voornemen zich tot de uitspraak van het college: “Zolang wij een redelijke vergoeding beschikbaar stellen voor de opvang van dieren voldoen wij aan onze wettelijke taak”? In hoeverre kan een bijdrage van €0 aangemerkt worden als een redelijke vergoeding?

  2. Waarom valt de Dierenopvang niet onder de generieke regeling van een korting van 10% voor instellingen die een gemeentelijke bijdrage van meer dan €10.000 ontvangen?

  1. Heeft het college overwogen dat een deel van het subsidiebedrag aan de Dierenopvang aan te merken valt als een kostenvergoeding voor het uitvoeren van een wettelijke gemeentelijke taak? Zo nee, waarom niet? Zo ja, waarom blijft de organisatie financieel dan niet helemaal buiten schot? Het subsidiebedrag blijft dan immers onder de €10.000.

Met het verdwijnen van de subsidie ligt het risico op de loer dat de Stichting Dierenopvang Groningen zal moeten besluiten te stoppen of bepaalde diensten niet meer, of tegen een hogere vergoeding te verlenen. Dit komt mogelijk op gespannen voet te staan met de wettelijke plicht die de gemeente heeft om minimaal twee weken te zorgen voor de opvang van gehouden dieren. De gemeente is afhankelijk van de Stichting Dierenopvang Groningen om in haar wettelijke plicht te kunnen voorzien, want er is geen alternatief.

Vraag 4

  1. Komt met dit voornemen de wettelijke zorgplicht die de gemeente heeft voor de opvang van dieren uit de natuur niet in het gedrang? Welke eventuele alternatieven heeft het college voor de opvang van deze dieren op het oog?

  1. Eén van de maatregelen die de Dierenopvang zou kunnen overwegen om het hoofd boven water te houden is het rekenen van een opvangvergoeding voor dieren die in het wild gevonden worden.

  1. Verwijzend naar de wettelijke taak voor de opvang van dieren: in hoeverre is de voorgenomen bezuiniging in dit verband op de korte termijn voordelig, maar op de langere termijn onvoordelig voor de gemeentefinanciën?

Als de Dierenopvang zich genoodzaakt zou zien te sluiten dan kunnen mensen niet meer op een nette manier van al dan niet exotische huisdieren af. Het is reëel te veronderstellen dan mensen in dat geval hun konijnen, slangen of wasberen en andere dieren waarvan we weten dat er weinig nodig zijn om veel schade te kunnen veroorzaken, gewoon maar loslaten. Bovendien zal een goed onderkomen gevonden moeten worden voor de dieren die op dat moment bij de Dierenopvang opgevangen worden.

Vraag 5

  1. In hoeverre heeft het college bij het voornemen de Dierenopvang volledig te korten een beoordeling gemaakt van een toename van de risico’s op directe en indirecte schade, overlast, de volksgezondheid en verstoring van de biodiversiteit?

  1. Met welke (financiële) gevolgen moeten we rekening houden om de mogelijke effecten op korte en op langere termijn te herstellen?

  1. Wat gaat er gebeuren met de dieren die bij de Dierenopvang opgevangen worden als de organisatie op zou houden te bestaan?

Met vriendelijke groet,

Partij voor de Dieren
Gerjan Kelder

Partij van de Arbeid
Wim Moes

Stadspartij
Jacob Bolhuis